Prince biografie             Prince concert tickets

 

Prince, echte naam Prince Rogers Nelson (Minneapolis, Minnesota, 7 juni 1958) is een Amerikaanse popartiest. Prince is een artiest in de funk traditie en gitarist in de rocktraditie, een componist, pianist, toetsenist, bassist en platenproducer, filmregisseur en acteur. Zijn muziek is een mengeling van blanke en zwarte muzikale invloeden, zoals Sly Stone, James Brown, Jimi Hendrix, Marvin Gaye, Carlos Santana, Curtis Mayfield en Joni Mitchell. Toch heeft zijn muziek, ondanks de grote verscheidenheid, een duidelijk eigen geluid. Zijn zangstijl is daarnaast zeer opvallend, hij maakt namelijk vaak gebruik van zijn kopstem, vooral de eerste jaren, echter zijn "normale" stem kent een groot bereik. Prince staat bekend als een ambitieus en getalenteerde workaholic, is een belangrijke innovator in de popmuziek en bracht daarnaast eveneens vernieuwende en opzienbarende live-shows.

Prince heeft een zeer omvangrijk oeuvre, tot aan 2005 zijn er 28 officiele albums uitgebracht (verzamel-, remix- en niet in de winkel te verkrijgen albums niet mee geteld). Daarnaast behoort Prince tot een van de meest gebootlegde artiesten. Veel muziekjournalisten beschouwen Dirty Mind, Purple Rain en Sign "☮" the Times als zijn drie beste platen. Deze stonden in vele Top-100 lijsten van de jaren tachtig. In de jaren 80 had hij een groep genaamd "The Revolution", en in de jaren 90 een andere groep genaamd "The New Power Generation". Zijn muzikanten behoorden volgens critici tot de besten. Hij werkte ook veel samen met bekende jazzmuzikanten zoals Miles Davis, en ook funkpionieers zoals Larry Graham en Maceo Parker. Naast het opnemen van zijn eigen muziek schreef hij voor vele andere artiesten, zoals Chaka Khan en The Bangles. Hij is een onvermoeibare promotor van nieuwe artiesten, zoals The Time, Apollonia 6, Sheila E.. Prince regisseerde drie films (Under The Cherry Moon, Sign "☮" the Times en Graffiti Bridge), en acteerde in de film Purple Rain. Een veel gebruikte bijnaam voor Prince is Minneapolis Midget (dwerg uit Minneapolis); een verwijzing naar zijn geboorteplaats en zijn lengte van 1 meter 58.

Jeugdjaren
Prince werd geboren in Minneapolis, de grootste stad van de Amerikaanse staat Minnesota, in het plaatselijke Mount Sinai Hospital, als zoon van een moeder van raciaal gemengde afkomst en een zestien jaar oudere Afrikaans-Amerikaanse/Italiaanse vader. Zelf beschouwt hij zich als Afrikaans-Amerikaans. Beide ouders kwamen in de jaren vijftig vanuit Louisiana naar Minnesota. Zijn vader (John L. Nelson) was de bandleider en pianist van een lokale jazzcombo, de Prince Rogers Trio, vernoemd naar de podiumnaam van John, Prince Roger. Prince werd vernoemd naar de naam van dit combo en zijn voornamen zijn dus Prince Rogers en Prince is dus geen adellijke titel. Zijn moeder (Mattie Shaw) was tijdelijk zangeres in dit combo, waar de ouders elkaar ontmoetten.

Prince heeft naar eigen zeggen een moeilijke en armoedige jeugd gehad. Op z'n vijfde scheidden zijn ouders en kort daarna trok zijn stiefvader bij het gezin in, dat verder bestond uit Prince' enige volle zus, Tika Evene (Tyka) Nelson, en zijn halfbroer Alfred. Als jongen werd hij Skipper genoemd.

Op zijn zevende leerde Prince zichzelf spelen op de door zijn vader achtergelaten piano. Het eerste nummer dat hij kon spelen was de openingstune van de televisieserie Batman. Hij leerde de jaren daarna meerdere instrumenten bespelen, waaronder gitaar en drums. Op de middelbare school was hij een graag geziene leerling tijdens de muzieklessen en hij was eveneens een opmerkelijke basketballer in het schoolteam. Samen met onder andere zijn jeugdvriend Andre Cymone richtte hij de schoolbandjes Grand Central en Champaine op. In die tijd leefde hij in de kelder van Andre, waar de bron ligt van Prince' muzikaliteit.

1976-1981: De beginjaren
In 1976 deed Prince mee aan studiesessies voor de gelegenheidsband 94 East. Opnames van deze sessies zijn in verschillende samenstellingen uitgebracht nadat Prince beroemd was geworden. Rond dezelfde tijd was Prince aan de bak gekomen in de studio's van de plaatselijke Chris Moon, de Moonstudios. Hier nam hij zijn eerste solo demo's op die hij aan verschillende platenmaatschappijen probeerde te slijten. Na onder andere afgewezen te zijn door Atlantic Records, lukte het om met behulp van manager Owen Husney een platencontract te krijgen bij Warner Brothers. Een voor zijn leeftijd (19) uniek contract voor drie albums, een budget van 180.000 dollar, dat hem in staat stelde om zijn eigen werk mede te produceren.

In april 1978 kwam zijn eerste soloplaat uit, genaamd For You. Hij speelde op dit debuut album al de instrumenten zelf en was op een nummer na, verantwoordelijk voor elke compositie. Zijn eerste hitje Soft And Wet, die hij samen met Chris Moon had gecomponeerd, kwam op nummer 92 in de Amerikaanse Billboard lijst. Hij klonk en werd onthaald als een soort nieuwe Stevie Wonder. Vooral door de softe en gepolijste sound die op For You te horen was.

Nadat Prince met For You vrijwel zijn hele budget had opgemaakt, kwam hij in oktober 1979 met het ruigere, meer expliciete, low-budget album Prince uit. Het nummer I Wanna Be Your Lover werd zijn eerste Amerikaanse hit (nummer 11) en met nummers zoals Bambi en I Feel For You kwam hij ook met zijn eerste latere klassiekers. Het album zelf deed het ook zeer goed, het bereikte nummer 22 in de Billboard albumlijst.

Begin 1980 begon hij voor het eerst te toeren in het voorprogramma van Rick James. Zijn podiumact bleek niet overeen te komen met het lieve Stevie Wonder-achtige imago dat hij vooral op For You liet horen. Het geluid was ruiger en hoekiger en Prince was duidelijk meer in een seksueel getinte mood. Dit bleek vooral een opmaat naar zijn volgende album.

In 1980 werd Prince om zijn nieuwe album gevraagd. Dit kwam in oktober 1980 uit onder de titel Dirty Mind, en was feitelijk een set demo's. Prince had zijn geluid drastisch gewijzigd in een soort van mengelmoes van funk en new-wave, zijn teksten op een voor die tijd zeer hoog seksueel niveau gelegd en werd door een volledig nieuw schare fans omringd, zowel zwart als blank. De plaat werd geboycot in de meeste Amerikaanse platenzaken, omdat er op de plaat openlijk werd gezongen over orale seks, prostitutie, overspel en incest. Toch bracht dit Prince nog meer in de belangstelling van een groter publiek. De daaropvolgende tournee bracht het thema seks nog meer op de voorgrond. Tijdens deze tournee kwam Prince voor het eerst in Nederland. Op 29 mei 1981 speelde hij in het Amsterdamse Paradiso voor een publiek van enkele honderden mensen.

De eerste tekenen van een commerciele doorbraak in Europa kwam met het album Controversy, dat uitkwam in oktober 1981. Het titelnummer bereikte voor het eerst de Nederlandse Top 40. met een topnotering van 27. Het album liet een meer volwassen wordende Prince zien, met nummers zoals Ronnie, Talk To Russia en Annie Christian die Prince voor het eerst van zijn politieke kant laten zien.

1982-1986: Revolution
Nadat Prince groepen zoals The Time en Vanity 6 op weg had geholpen met door hem geproduceerde, gecomponeerde en volgespeelde albums, kwam eind oktober 1982 het dubbelalbum 1999 uit. De videoclip van het titelnummer was een van de eerste clips die MTV uitzond van een Afro-Amerikaanse artiest. Hierdoor werd Prince door het grote publiek ontdekt en dit nummer en de opvolger Little Red Corvette gingen regelrecht de top 10 in. Ook in Belgie en Nederland (# 13) werd de single 1999 een hit. Het album zelf kenmerkte zich als een album waar Prince zich nog meer van zijn experimentele funkkant liet zien, maar waar hij ook zijn eerste echte popnummers liet horen. Ook de kleur paars deed zijn intrede. Hij had zich hiermee in vier jaar tijd van een R&B artiest, via een underground funk/new-wave artiest tot een popartiest ontwikkeld.

Tijdens de tournee eind 1982 en in de eerste helft van 1983 werd gitarist Dez Dickerson vervangen door de negentienjarige Wendy Melvoin, een oude jeugdvriend van toetseniste Lisa Coleman. De band zal vanaf nu bekend staan als The Revolution. Een duidelijke hint was al te vinden op de hoes van 1999, waar het in spiegelschrift te lezen viel.

Eind 1983 werd de film Purple Rain gefilmd in Minneapolis en omgeving. Deze semi-autobiografische film gaat over een jonge muzikant die, met als achtergrond een alcoholische vader en zijn jonge liefde, de muzikale strijd aangaat met de lokale band The Time. De film en de bijpassende soundtrack zal Prince zijn internationale doorbraak tot superster geven. In juni 1984 wordt het album Purple Rain van Prince & The Revolution uitgebracht met als inleider de single When Doves Cry wat Prince zijn eerste Amerikaanse nummer een hit zal opleveren (nl: # 5). Het album verkocht de eerste paar dagen meer dan een miljoen exemplaren en de film moest nog uitgebracht worden (27 juli). Het album zal uiteindelijk tien miljoen exemplaren in de V.S. verkopen en vijf miljoen in de rest van de wereld. Het is bij verre Prince' best verkochte album, vooral in zijn vaderland. Het album is zijn eerste echte rockalbum, wat de belangrijkste reden zal zijn dat Purple Rain zo'n gemêleerd en breed publiek aansprak. het titelnummer deed het vooral in Europa gigantisch goed met nummer een noteringen in vele landen, onder andere in Nederland. Ook de singles Let's Go Crazy (nl: # 18) en I Would Die 4 U (nl: # 3) zorgde wereldwijd voor top tien noteringen.

Prince werd door het succes verrast en als reactie daarop bracht hij het veel minder commerciele, maar vernieuwende album Around The World In A Day uit in mei 1985, twee maanden na het beeindigen van een uitgebreide Purple Rain Tour. Het was het eerste album wat onder zijn nieuwe platenlabel, Paisley Park Records werd uitgebracht. De single Raspberry Beret werd vooral in de V.S. nog een hit met een nummer twee notering in de Billboard top 100 (nl: # 19). Het album verkocht ook stukken beter in de V.S. dan in de rest van wereld, als een gevolg van de nasleep van Purple Rain. Het album geeft een knipoog naar de psychedelische tijd van de jaren 60 en 70 en critici vergelijken de plaat met Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band van The Beatles, mede gestimuleerd door de kleurrijke hoes. Opvallend is ook het gospelachtige nummer The Ladder, dat hij samen met zijn vader heeft gecomponeerd.

Prince leverde voor Live Aid het nummer 4 The Tears In Your Eyes aan, dat op het album van USA For Africa terecht kwam. De videoclip werd tijdens de liveconcerten van Live Aid uitgezonden. Hij kreeg echter commentaar dat hij niet zelf had opgetreden. Als reactie gaf hij in het nummer Hello (b-kant van Pop Life) het volgende: "I tried 2 tell them that I didn't want 2 sing - But I'd gladly write a song instead - They said OK and everything was cool - Till a camera tried 2 get in my bed".

In de zomer van 1985 vertrekken Prince en zijn gevolg naar het Franse Nice om te beginnen aan de opnames van zijn volgende film, Under The Cherry Moon. De film zal volledig geregisseerd worden door hemzelf en zal, ook al was die in kleur geschoten, een voor die tijd gewaagde zwartwitfilm opleveren. Het verhaal gaat over een gigolo genaamd Christopher Tracy die zijn grote liefde vindt in de dochter van een rijke en corrupte Engelsman. De film zal uiteindelijk, wanneer die in de zomer van 1986 wordt uitgebracht, een commerciele en, volgens veel critici, een artistieke flop worden. Toch heeft het door de humor en de vreemde mengeling van de sfeer van de jaren 20, jaren 50 en jaren 80, jaren later een cultstatus bereikt.

De soundtrack van de film, Parade (maart 1986) wordt echter wel een groot succes en leverde Prince weer een klassieke hit op, Kiss (nl: # 2), alsmede hitjes zoals Girls And Boys (nl: # 29) en Mountains (nl: # 20). Opmerkelijk is ook de afwezigheid van veel elektrisch gitaarwerk en het album straalt in zijn geheel een wat meer akoestische sfeer uit. Nummers zoals Venus De Milo en Sometimes It Snows In April laten Prince van zijn minimalistisch en gevoeligste kant zien.

Die zomer komt Prince, voor het eerst sinds die paar concerten in 1981 voor een uitgebreide tournee naar Europa. Vanaf dan is Prince duidelijk verknocht aan Europa en zou hij zijn grootste schare fans vanuit hier en Japan halen. Op 17, 18 en 19 augustus van dat jaar staat hij voor het eerst in de Rotterdamse Ahoy. Vanaf dat moment leken de Nederlandse critici met hem weg te lopen.

Na de Japanse tournee in september van dat jaar ontbindt Prince de Revolution. Een echte reden is hier voor nooit gegeven, maar het rommelde volgens insiders al een tijdje in de band. Vooral Wendy & Lisa wilden meer artistieke inbreng. Dream Factory is een nooit uitgebracht album van Prince & The Revolution, die de opvolger zal zijn geworden van Parade.

1987-1989: Sign "☮" the Times t/m Batman
Binnen een korte periode lukte het Prince om een nieuw dubbelalbum uit te brengen, genaamd Sign "☮" the Times (maart 1987). Het wordt door veel fans en critici als zijn beste plaat ooit beschouwd. Het titelnummer werd vooral buiten de V.S. een grote hit (nl: # 6) en U Got The Look binnen de V.S. (nl: # 17). Ook klassiekers als If I Was Your Girlfriend, Forever In My Live en het religieuze The Cross zijn noemenswaardig. Naast dit nieuwe album, had hij na het uiteenvallen van The Revolution een nieuwe band samengesteld met Sheila E op de drums. Toetsenist Matt "Dr." Fink en saxofonist Eric Leeds waren de enige overgebleven vaste bandleden van The Revolution. De Sign "☮" the Times Tour zal alleen Europa aandoen. Tussen 19 en 22 juni trad die met een grotendeels volledig vernieuwde show op in Stadion Galgenwaard in Utrecht. Omdat de Britse shows niet door gingen, trad die ook nog drie keer in de Rotterdamse Ahoy op (26-28 juni) en in het Sportpaleis Antwerpen op 29 juni. Van deze laatste shows werden filmopnames gemaakt voor de livefilm Sign "☮" the Times. Deze film was vooral voor het Amerikaanse publiek bedoeld en werd geprezen voor de live fragmenten, maar de extra verhaallijn werd door fans en critici als onnodig en storend ervaren.

In december 1987 kwam er een bericht dat een nieuw album van Prince was geannuleerd. Het ging hier om een album zonder titel en zonder vermelding van artiest en met een zwarte hoes, vanaf toen de Black Album genoemd. Volgens Warner Brothers was het de bedoeling dat het een kerstverrassing zal moeten zijn, maar dat Prince hoorde dat het was uitgelekt en daarom het project wilden annuleren. Later kwam Prince zelf met de verklaring dat het album veel te donker was en in een neerslachtige periode was gemaakt. Op zijn volgende album en de volgende tournee maakte hij, door middel van een soort mythologische verhaal, duidelijk dat zijn alterego Camille de oorzaak van de Black Album was, maar dat die op tijd tot inkeer kwam. Het is een album dat wordt gekenmerkt door diepe funk en een hoge seksuele lading. Enkele exemplaren wisten de dans van de vernietiging te ontspringen en zo kwam de bootleg al snel in omloop. Het was waarschijnlijk de meest verkochte bootleg aller tijden en in zijn volgende videoclip (Alphabet St.) staat er verscholen het bericht te lezen; don't buy the black album. Het album zal uiteindelijk in 1994 alsnog officieel uitgebracht worden.

Op 10 mei 1988 kwam Prince zijn tiende album uit, Lovesexy. De verwachtingen waren hoog gespannen en ook al zal dit album het vooral in de V.S. commercieel erg slecht doen, artistiek gezien wordt ook dit album door velen als een klassieker gezien. De hoes was erg opvallend. Het laat namelijk Prince zien in adamsuniform zittend in een reusachtig bloem, inclusief stamper. De vraag blijft tot de dag van vandaag onbeantwoord of het onderlijf inderdaad van Prince is. Het album zelf wordt op CD uitgegeven als een enkele track. Volgens Prince en zijn platenmaatschappij om mensen te dwingen het album als een geheel te zien. De muziek is een gepolijste, experimentele en misschien wel overgeproduceerde kruising tussen funk en elektronische gospel en blues, met een zware spirituele en religieuze ondertoon. Het moet als de tegenhanger gezien worden van de Black Album. een nummer van dit album, de ballade When 2 R In Love, is eveneens op Lovesexy te vinden. Alleen Alphabet St. wordt een hit (nl: # 5) en samen met het epische nummer Anna Stesia wordt het een liveklassieker.

Aansluitend beginnen Prince en zijn band aan een uitgebreide wereldtournee die tot februari 1989 zal voortduren. De tournee doet eerst Europa aan. Op 17, 18 en 19 augustus doet hij het Feyenoordstadion in Rotterdam aan. In de nacht van 18 en 19 augustus zal Nederland voor het eerst kennismaken met een andere hobby van Prince, de aftershow. Hij zal een twee uur durende geimproviseerd optreden geven in het Paard van Troje in Den Haag. De bootleg van dit optreden, genaamd Small Club - 2nd Show That Night, zal een van de bekendste Prince-bootlegs worden. Tot op dit moment wordt er voor de eerste druk van deze Bootleg prijzen betaald van ongeveer € 2500,- hetgeen uitzonderlijk hoog is voor een nog levende artiest. De avond daarna zal Candy Dulfer een nummer mee komen blazen tijdens het concert. Op 9 september wordt er een extra concert ingelast in de Westfalen Hallen in het Duitse Dortmund. Kaarten hiervoor werden in hoofdzaak in Nederland verkocht en het concert wordt rechtstreeks uitgezonden over heel Europa en later uitgebracht op video. Ruimschoots voordat het concert op video verscheen was ook hier al zeer professionele dubbele 'Bootleg' Cd van geperst. De maanden hierop zal hij voor het eerst sinds 1985 een volledige tournee geven in de Verenigde Staten, gevolgd door een reeks Japanse concerten in begin 1989.

In juni 1989 verschijnt de soundtrack van de filmhit Batman, Batman Motion Picture Soundtrack. Het lijkt een duidelijke knieval naar de commercie, waarschijnlijk in verband met de geldverslindende Lovesexy Tour. Prince maakt dankbaar gebruik van dit aanbod op het eerst gezicht een puur commerciele overweging. Maar Prince liefde voor comics en de jeugdherinneringen aan de oude serie Batman geven hem het voordeel van de twijfel. Het vooral in de V.S. goed verkopende album laat weinig indruk achter bij critici, maar ook veel fans. Toch worden de singles Batdance (nl: # 4), Partyman (nl: # 17) en The Future (nl: # 7) wereldwijd redelijk grote hits.

1990-1993: New Power Generation
Na een tournee in de zomer van 1990, met een deels vernieuwde band, waar hij weer in een verregend Feyenoordstadion speelde (2 en 3 juni), een snikheet Werchter (4 augustus) en in het Thialfstadion in Heerenveen (5 augustus), kwam eind augustus het album Graffiti Bridge uit. Dit was de soundtrack van de gelijknamige film die enkele maanden later zal verschijnen. Op het album was niet alleen maar Prince te horen, maar ook andere artiesten die in de film voorkwamen, zoals The Time, George Clinton, Tevin Campbell en Mavis Staples. Enkele nummers van de plaat waren oudere outtakes die in een nieuw jasje waren gestoken. Het album kent door al deze factoren geen echte eenheid en werd, ondanks enkele er uit springende nummers (Question Of U en Still Would Stand All Time) lauw ontvangen. Candy Dulfer speelt op enkele nummers saxofoon. Hij scoorde nog wel een top 10 hit met Thieves In The Temple (nl: # 5).

De film werd helemaal lauw ontvangen. Graffiti Bridge was een vervolg op de film Purple Rain, maar komt niet echt van de grond. Ook het mierzoete verhaal en de constante religieuze referenties werd hem niet in dank afgenomen, waardoor de film in zijn geheel flopte en zelfs in Nederland, op een paar plekken na, niet in de bioscoop kwam. De speelfilm liet wel voor het eerst, op de afgelopen Nude Tour na, zijn nieuwe band zien, The New Power Generation.

Na een visuele stijlverandering, brachten Prince & The New Power Generation in oktober 1991 Diamonds And Pearls uit. Vanaf het begin was het duidelijk dat Prince hier een duidelijke comeback mee voor ogen had en dat lukte, vooral in de V.S. commercieel gezien. Singles zoals het funky Gett Off (nl: # 4), Cream (nl: # 4) en Money Don't Matter 2Night (nl: # 7) werden stuk voor stuk wereldhits. De inbreng van de bandleden Rosie Gaines en Tony M waren duidelijk aanwezig. Met die laatste probeerde Prince zich te conformeren aan de opkomende rapmuziek, dit werd hem echter niet door alle fans in dank af genomen en zij oordeelden dan ook dat de vernieuwer Prince maar op enkele momenten te horen was.

Ondertussen tekende Prince een megacontract met zijn platenmaatschappij Warner Brothers voor, naar het scheen 30 miljoen dollar en een plek aan de directietafel. Prince moest hiervoor zes albums afleveren.

Na een succesvolle tournee die Prince en zijn band wederom naar Belgie en Nederland bracht en tevens voor de eerste keer naar Australie, kwam hij exact een jaar later al snel met de iets minder succesvolle opvolger (Symbol Album). Muzikaal gezien was deze plaat iets rauwer en minder gepolijst dan zijn voorganger. Wel koos Prince sinds Lovesexy weer voor een conceptalbum. De New Power Generation kregen minder ruimte en waar ze aanwezig waren is dit meer in lijn met de rest van de muziek. Opvallend was ook de afwezigheid van Rosie Gaines, die met een vrij succesvolle solocarrière begon. Grote hits waren het controversiele Sexy M.F. (M.F. staat voor 'mother fucker') (nl: # 4) en My Name Is Prince (nl: # 7).

Vanaf het begin van 1993 tot aan zijn naamsverandering op 7 juni van dat jaar toerde hij in de Verenigde Staten met de Act I Tour. Rond deze tijd (1993-1994) was Prince weer erg productief en nam hij materiaal op voor een reeks albums en produceerde hij meerdere outtakes, die jaren later op andere albums terecht zullen komen.

1994-2000: The Artist Formerly Known As Prince
Op zijn 35e verjaardag op 7 juni 1993 wenste hij niet langer op de naam Prince te reageren; hij koos toen een onuitspreekbaar symbool als naam.

Hij weigerde de naam Prince te gebruiken zolang de rechten op zijn muziek bij zijn vroegere platenmaatschappij Warner Brothers bleven, omdat hij zich volgens eigen zeggen een slaaf voelde en hij geen reclame wilde maken voor zijn voormalige platenmaatschappij. Toen hij de rechten op zijn muziek weer terug had, nam hij weer zijn vroegere naam aan (31 december 1999).

In deze periode noemde men hem dikwijls The Artist, een inkorting van The Artist Formerly Known as Prince zoals een Britse journalist hem omschreef, of kortweg TAFKAP. De hele gang van zaken was een geliefd gespreksonderwerp; sommigen vonden het leuk, sommigen vonden het vervelend. Wat er ook van zij; het was goede publiciteit die zijn naam en carrière levend hield en gescheiden van zijn juridische problemen met zijn platenmaatschappij.

Volgens een Prince fan site bevat het symbool de mannelijke en vrouwelijke tekens tezamen met het alchemie symbool voor zeepsteen. Ze geven de volgende ASCII voorstelling van het symbool: O(+>. Het management van Prince stelde er een beeldbestand van beschikbaar voor kranten en tijdschriften om over hem te schrijven.

Het probleem was echter dat Warner Brothers nog vijf albums te goed had van Prince. De eerste in die reeks was The Hits/The B-Sides, een driedubbele verzamelalbum die verscheen in september 1993. Het verscheen echter ook als twee losse albums, The Hits I en The Hits II. The B-Sides was alleen te verkrijgen als onderdeel van de driedubbelaar. Dit was Prince zijn eerste verzamelalbum en naast de bekende en minder bekende hits, stonden er ook een reeks nieuwe nummers op. Opvallend was ook de derde disk met een (niet complete) verzameling van b-kanten. Deze kant van Prince zijn muziek, met klassiekers zoals Erotic City, 17 Days en How Come U Don't Call Me Anymore, was voor veel fans een reden om dit driedubbelalbum aan te schaffen. Het nieuwe rocknummer Peach (nl: # 9) werd een hit.

Op valentijnsdag 1994 presenteert zijn eerste single The Most Beautiful Girl In The World. In de videoclip figureren meerdere vrouwen, wereldwijd gecast door middel van een advertentie in enkele dagbladen. Het zoete, maar wel gedreven nummer wordt een wereldhit, met nummer een noteringen in onder andere Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Het nummer zal pas in 1995 in gewijzigde vorm op een album verschijnen, The Gold Experience.

Eind augustus 1994 gaf Warner Brothers het album Come uit, onder de naam Prince. Het was de tweede van een reeks van vijf contractuele verplichtingen van Prince. Op de hoes staat vermeld "Prince 1958-1993", een verwijzing naar de "dood" van de artiest Prince. De nummers op het album, vrijwel allemaal van de omvangrijke sessies in 1993 en begin 1994, hebben een vrij jazzy geluid en qua sfeer en tekstueel gezien heeft het album een donkere seksuele lading. Een groot deel van het album was ook te horen in de Glam Slam Ulysses, een dansshow met Carmen Electra in de hoofdrol. Commercieel gezien wordt het album geen groot succes, ook al wordt het album door fans erg gewaardeerd, samen met ander werk uit deze periode. De single Letitgo wordt een kleine hit (nl: # 18).

Later dat jaar brengt Warner Brothers alsnog de Black Album (als limited edition) uit en onder de naam tevens een computerspel genaamd Interactive.

's debuut album laat nog lang op zich wachten. In tegenstelling tot de The Most Beautiful Girl In The World wil hij het album laten distribueren door Warner Brothers, maar de platenmaatschappij zit niet te wachten op zo'n snelle release, kort na het album Come. Hij voelt zich miskend en verschijnt in het openbaar met het woord "Slave" in spiegelbeeld op zijn wang. In de tweede helft van 1994 begint hij met een spontane clubtournee, hoofdzakelijk langs zijn eigen "Glam Slam" nachtclubs. Het nieuwe materiaal slaat goed aan bij het publiek en hij besluit begin 1995 te starten met een korte Europese tournee, genaamd The Gold Experience Tour. Dit brengt hem wederom weer naar Nederland (24 en 25 maart in Den Bosch) en Belgie (27e in Gent en de 28e in Brussel). Verrassend waren twee ingeplande nachtconcerten in Paradiso in Amsterdam in de vroege ochtend van 26 en 27 maart. Twee concerten waarin hij naast het voor hem waarschijnlijk al weer oude Gold Experience-materiaal, nog nieuwer materiaal speelt afgewisseld met enkele covers. Tijdens deze concertreeks zinspeelt hij constant op het feit dat Warner Bros het album, waar de tournee om draait, nog steeds niet wil uitbrengen.

Tijdens de tournee brengt hij in eigen beheer een album uit van de New Power Generation, genaamd Exodus. Op dit door de fans goed ontvangen funkalbum, neemt hij echter zelf, onder het pseudoniem Tora Tora voor een belangrijk deel de vocalen voor zijn rekening. Het album is een tijdlang alleen buiten de Verenigde Staten te verkrijgen.

Pas in oktober 1995 wordt het album The Gold Experience uitgebracht. Het is een afwisselend album, waarop hij weer vaak teruggrijpt naar zijn gitaar, zoals het titelnummer Gold en de live-opener Endorphinmachine. Veel nummers, ingespeeld met een uitgedunde versie van zijn band de New Power Generation, stralen duidelijk een live-sfeer uit. Voor het eerst rapt hij zelf op enkele nummers, zoals het expliciete Pussy Control en het agressieve funknummer Now. Het album verkoopt iets beter dan Come, maar toch stellen de verkoopcijfers velen teleur. had echter al voor de release van het album interesse verloren in het project en er komen ook, naast het al uitgebrachte The Most Beautiful Girl In The World, maar twee singles uit van het album. Eye Hate U (nl: # 20) en Gold (nl: # 24) worden twee kleine hitjes.

Nadat hij de The Gold Experience Tour begin 1996 ook naar Japan gebracht had, gaf hij zijn laatste twee contractueel verplichte albums aan Warner Brothers. De eerste daarvan komt in de zomer uit onder de titel Chaos And Disorder, echter wel toegeschreven aan . Vooral het eerste deel van het album is rockgeorienteerd en de single Dinner With Dolores wordt een klein hitje. In de videoclip en tijdens promotionele activiteiten rond het album verschijnt hij nog steeds met het woord "slave" in spiegelbeeld op zijn linkerwang.

Ondertussen had hij aan zijn contractuele verplichtingen ten opzichte van Warner Brothers voldaan, ook al zal zijn contract nog wel een tijdje doorlopen. sluit een contract voor een jaar met de platenmaatschappij EMI, om zijn nieuwe album te distribueren en om promotie-activiteiten rond het album te organiseren. Eind oktober van dat jaar verschijnt het driedubbelalbum Emancipation. Het album deed het commercieel gezien een stuk beter dan The Gold Experience, maar de singles een stuk minder. De eerste single was een opvallende, het was namelijk de eerste cover van Prince/ die hij op plaat zette. De ballade Betcha By Golly Wow! (nl: # 31), oorspronkelijk door de The Stylistics op plaat gezet, wordt echter maar een klein hitje. De opvolger The Holy River wordt zelfs een nog kleiner hitje. Naast de zelfzame single Somebody's Somebody, waren dit echter de enige singles van het driedubbelalbum. Van januari tot en met juni 1997 volgde de bescheiden Amerikaanse Love 4 One Another Tour ter ondersteuning van Emancipation.

In het cd-boekje van Emancipation wordt al de Crystal Ball aangekondigd. Een driedubbel album met nog nooit uit gebrachte nummers, die eerder gebootlegged waren. De titel komt van een geplande driedubbelaar uit 1987, die echter al snel tot een dubbelaar werd omgedoopt met de naam Sign "☮" the Times. Naast Crystal Ball zelf, zal de box ook uitgebreid worden met het recentere akoestische album The Truth en het instrumentale album Kamasutra wat werd toegeschreven aan The NPG Orchestra. Als verrassing werd er, bleek later, ook nog een t-shirt meegezonden.

Fans konden de box vanaf de zomer van 1997 bestellen via zijn 1-800-NEWFUNK website en telefoonnummer. Er ontstonden echter distributie problemen en de distributie van het album liep grote vertraging op. Eind januari 1998 begon eindelijk de verzending, maar door een te groot aantal bestellingen duurde het ook vele maanden dat alle bestellingen waren verwerkt en ontstonden er ook administratieve problemen. Fans klaagde er over dat hun boxset maanden nadat de Crystal Ball in de winkel lag bij hun thuis arriveerden en er waren zelfs geluiden te horen van fans die hun boxset nooit hadden ontvangen, ook al hadden sommige daarvan wel betaald.

De set zelf werd wisselend ontvangen. Critici wezen er op dat er veel nummers uit de kluis van Prince/ niet aanwezig waren op het album en dat het er ook relatief veel materiaal uit de jaren negentig op stond. Financieel gezien heeft Crystal Ball naar het schijnt hem geen windeieren gelegd.

Eind juni 1998 wordt het album Newpower Soul uitgebracht. Hoewel dit album officieel wordt uitgebracht als een New Power Generation album, wordt dit toch door velen als een -album beschouwd, vooral ook door zijn prominente aanwezigheid op de albumcover. Door veel fans wordt het album niet goed ontvangen. Alleen de verborgen track Wasted Kisses is vrij populair onder de fans. Het album herbergt een klein hitje, The One.

Ter promotie van het album bezoekt hij, met Candy Dulfer als bandlid, ons land twee maal. In de zomer treedt hij op in Ahoy, gevolgd door een aftershow in Nighttown, beide in Rotterdam. Op 23 december is het tweede concert in de Jaarbeurs te Utrecht. Tijdens dit optreden wordt het publiek verrast met een gastoptreden van Lenny Kravitz. Deze trad ook aan bij de aftershow in Tivoli in Utrecht aangevuld met Hans Dulfer, de vader van Candy. Tijdens het optreden in Tivoli lijkt te beschikken over voorspellende gaven. Een van de nummers 2001: Also Sprach Zarathustra zingt hij de regel: "Osama Bin Laden get ready to bomb". Het voorprogramma tijdens de tour werd verzorgd door Larry Graham met leden van zijn band Graham Central Station en ook door Chaka Khan en haar band.

In 1999 waren de verwachtingen ten aanzien van hoog gespannen. Het oorspronkelijk in 1982 uitgebracht nummer 1999 werd dan ook door Warner opnieuw uitgebracht, echter ook hij bracht een EP uit met een nieuwe versie van het nummer onder de naam 1999: The New Master.

Eind augustus dat jaar bracht Warner het nog op de schappen liggende contractueel verplichte Prince-album The Vault (Old Friends 4 Sale) uit. Een collectie van, zoals de naam al doet vermoeden, nummers uit zijn kluis. Ook al staan er geen uitschieters op dit jazzy album, toch wordt het album door de kritieken niet heel slecht ontvangen.

Rond deze zelfde datum kondigt Clive Davis van Artista Records een overeenkomst aan tussen zijn platenmaatschappij en . Het uit te brengen album met de titel Rave Un2 the Joy Fantastic zal volgens Davis een comeback worden, met behulp van enkele gastoptredens. Hij zal volledig zeggenschap houden over het album, maar als tegenprestatie zal hij wel enkele promotionele activiteiten ondernemen.

Begin november 1999 komt het album uit, vooraf gegaan door de single The Greatest Romance Ever Sold. Het gevarieerde album lokt gevarieerde kritieken uit, maar ondanks alle promotie en verwachtingen doen het album en de single het commercieel erg matig. Er worden ook geen meer singles van het album uitgebracht, behalve dan de moeilijk verkrijgbare maxi-single van Hot Wit U. Het album Rave In2 the Joy Fantastic wordt later via de website van (dan weer) Prince verkocht en komt nog later ook in enkele reguliere winkels te liggen. Dit is een remix album van Rave Un2 the Joy Fantastic, met als extra nummer het psychedelische Beautiful Strange.

Ter promotie komt hij eind november en begin december dat jaar naar Europa voor enkele televisieoptredens. Zo ook in de TV-show van Ivo Niehe. Na afloop eist echter dat het optreden en het interview niet worden uitgezonden, in verband met de slechte geluidskwaliteit van het optreden. Eerst lijkt dit definitief, maar na onderhandelingen wordt de band in de V.S. opgepoetst en kan een week later het optreden en het interview alsnog uitgezonden worden.

Op oudejaarsavond 1999 wordt er een twee weken eerder opgenomen concert uitgezonden op enkele televisiekanalen met als titel Rave Un2 The Year 2000. Het later op video en DVD uitgebrachte concert bevat gastoptredens van Lenny Kravitz, George Clinton en The Time. Het concert eindigt volledig in stijl met het nummer 1999.

Kort na de jaarwisseling werd het duidelijk dat Prince weer Prince heette. Uit de officiele verklaring van Prince over het terug aannemen van zijn oude naam: "Op 31 december 1999 liep mijn contract met Warner-Chappell af, waardoor de naam 'Prince' die me bij mijn geboorte gegeven werd, verlost werd van beperkingen op lange termijn. Ik zal nu mijn oude artiestennaam gebruiken, in plaats van het symbool dat ik aannam om mezelf te bevrijden van ongewenste relaties." Gelijkertijd vermeld hij dat zijn contract met Arista per 1 juli 2000 wordt beeindigd, op dezelfde datum dat Clive Davis bij de maatschappij zal vertrekken.

2000-2006: Opnieuw Prince
Alleen via zijn officiele website vernemen fans nog van Prince, zeker tot en met april 2004. Onder invloed van zijn interesse voor, en later zijn lidmaatschap van de Jehovah's getuigen, neemt hij heel duidelijk afstand van zijn vroegere werk, die vaak nogal seksueel expliciete teksten bevatte. Sommige nummers zijn volledig verdwenen tijdens optredens. Van andere nummers wordt de tekst aangepast. Een voorbeeld hiervan is het nummer 'The Cross' van zijn album Sign "☮" the Times. De titel hiervan wordt veranderd in 'The Christ'. De Jehovah's getuigen geloven namelijk dat Jezus niet aan een kruis is genageld, maar aan een martelpaal (immers het klassieke Griekse woord stau'ros betekent 'rechtopstaande paal' of 'staak').

Tijdens concerten brengt hij zijn zoektocht naar de religieuze waarheid vaak op filosofische wijze naar voren. Op The Rainbow Children (2001) zijn bijna alle liedjes doorspekt van verwijzingen naar bijbelse teksten. The Rainbow Children wordt oorspronkelijk gebracht als een album alleen verkrijgbaar via de officiele website van Prince, maar enkele weken later is het schijfje toch in enkele platenzaken te verkrijgen. Door het grote publiek wordt The Rainbow Children niet echt opgemerkt. De critici zijn het er allemaal over eens dat het weer een muzikaal hoogstandje van voornamelijk jazz en funk is.

Op The Rainbow Children volgt One Nite Alone (2002). Het album is een rustig album met in hoofdzaak Prince achter de piano, zingend in falsetto. Het album roept een akoestisch sfeer op en is daarom ook vergelijkbaar met het eerdere The Truth.

Prince gaat in 2002 uitgebreid toeren en van meerdere concerten tijdens het eerste, Amerikaanse deel wordt het album One Nite Alone Live (2002) gemaakt. Dit is opvallend genoeg officieel Prince zijn allereerste live-album. Als bonus-cd zit een compilatie van verschillende aftershow-optredens, genaamd It Ain't Over. Naast deze live CD wordt er ook nog een DVD uitgegeven met beelden van een optreden in Las Vegas. De toepasselijk titel van deze DVD is Live at The Aladdin Las Vegas. In de herfst van dit jaar toert Prince door Europa. Hij doet hierbij twee keer Ahoy in Rotterdam aan en sluit de tournee af met een exclusieve aftershow in het plaatselijke Nighttown. Tijdens deze tournee bleek dat Prince live in ieder geval nog de volledige respect had behouden van de verschillende critici. Tijdens deze One Nite Alone Tour zorgde Candy Dulfer voor muzikale begeleiding op saxofoon.

Xpectation komt op de eerste dag van 2003 uit. Dit volledig instrumentale album valt vooral op door de samenwerking met violiste Vanessa Mae. Het album bevat 9 nummers die allen met de letter X beginnen. Het album is alleen via zijn NPG Music Club te downloaden.

N.E.W.S wordt op 6 februari (2003) opgenomen en een paar maanden later uitgebracht. Het is een volledig instrumentaal album, verdeeld in vier nummers, genoemd naar de vier windrichtingen. Dit album en ook One Nite Alone en One Nite Alone Live worden net als The Rainbow Children, van origine ook eerst gelanceerd als expliciet verkrijgbaar via de officiele website van Prince en niet veel later kon men ze gewoon in de reguliere platenzaak verkrijgen. Critici zijn duidelijk niet echt te spreken over N.E.W.S. en One Nite Alone. De albums worden in een adem genoemd met niet baanbrekend en niet opwindend. Dit in tegenstelling tot het live-album.

In 2004 brengt Prince Musicology uit. Het album wordt door de gelijknamige song van het album voorafgegaan. Prince zoekt ook weer wat meer de publiciteit op, om zijn album te promoten en dit alles legt hem geen windeieren. Het lijkt alsof het publiek hierop heeft zitten wachten en het album wordt dan ook redelijk goed verkocht. In diverse landen bereikt het album de top vijf en in de Verenigde Staten zijn er al bijna een miljoen exemplaren verkocht. Na de single Musicology wordt de single Cinnamon Girl uitgebracht. Prince staat ook regelmatig in de belangstelling vanwege zijn concerttournee, zijn televisie-optredens en zijn interviews in diverse muziekbladen over de hele wereld.

Begin december 2005 wordt het bekend dat Prince een overeenkomst heeft gesloten met Universal Records om zijn volgende album, 3121 uit te brengen. Het album komt op 20 maart (21 maart in Noord-Amerika) 2006 uit. 3121 blijkt een comeback te zijn. Het album komt op de Amerikaanse Billboardlijst op een binnen. Het is zijn eerste nummer een hit op deze albumlijst sinds 17 jaar en de enige keer dat hij met een album op nummer een binnenkomt.

Priveleven
Prince zijn priveleven is altijd een gewild object geweest voor roddelbladen. Een groot deel van zijn priveleven is ook in nevelen gehuld, in grote lijnen misschien het resultaat van de weinige interviews die hij gegeven heeft en tevens het feit dat hij vrijwel geen uitspraken deed en doet over zijn priveleven.

De eerste keer dat Prince trouwde was op 14 februari 1996 met zijn achtergrondzangeres en danseres, Mayte Garcia. Op 16 oktober 1996, rond de releasedatum van zijn driedubbelalbum Emancipation, werd hun zoon geboren, die echter een week later op 23 oktober overleed aan de gevolgen van het Syndroom van Pfeiffer, een zeldzame aangeboren schedelafwijking.

De geheimzinnigheid rond de geboorte en de dood van het kind was voer voor veel roddelbladen. In promotionele interviews kort na deze gebeurtenis, waaronder een bij Oprah Winfrey, liet hij ook niets blijken over dit persoonlijke drama. Na beschuldigingen van twee voormalige werknemers dat Prince opdracht had gegeven het leven van het kind kunstmatig te laten beeindigen, werd er een onderzoek ingesteld door het Minneapolis medical examiner's office naar de oorzaak van de dood van het kind. Het resultaat van het onderzoek was dat het kind door een natuurlijke oorzaak was overleden. Later zal Prince in een interview met een Deens tijdschrift bevestigen dat de baby overleden was aan de hierbij bovengenoemde zeldzame schedelafwijking.

Na de dood van zijn kind begint Prince steeds meer interesse te tonen in de leer van de Jehovah's getuigen. Dit mede onder invloed van Larry Graham, zelf een Jehovah's getuige. Later werd officieel door zijn advocaat Londell Macmillan verklaard dat hij ook lid was geworden van de Jehovah's getuigen.

Rond juni 2000 werd het huwelijk tussen Prince en Mayte officieel ontbonden. Mayte zal later een tijdlang een relatie aangaan met Mötley Crüe's en (ex-)Pamela Anderson's Tommy Lee.

Het is niet precies bekend wanneer Prince voor de tweede keer trouwde, zijn tweede huwelijk werd strikt geheim gehouden. Rond december 2001 werd echter duidelijk dat hij getrouwd is met Manuela Testolini, een, naar het schijnt achttien jaar jongere, Canadese Paisley Park-medewerkster.

 

Prince concert tickets




C&O Travel
SGR
Calamiteitenfonds
ANVR